Zorgaanbieder moet smartengeld betalen wegens het verlenen van onvoldoende zorg en begeleiding

Op 18 april 2019 bracht de Geschillencommissie Zorg Algemeen een bindend advies uit over een klacht die was ingediend over de zorgaanbieder Acuut Zorggroep BV in Eindhoven[1]. Klaagster is in de procedure bijgestaan door haar vader, tevens curator, en een advocaat van Boskamp & Willems Advocaten in Eindhoven. De uitspraak is in diverse opzichten opmerkelijk.  Klaagster, een verstandelijk beperkte jonge vrouw, heeft in 2017 op basis van een gecombineerde huur- en zorgovereenkomst bijna 2 jaar verbleven in een woning van de zorgaanbieder in Eindhoven. In de zorgbeschrijving is vermeld dat de begeleiding onder andere voorziet in dagelijkse begeleiding bij het huishouden, bij sociale contacten, bij het werk en bij financiën en administratie.

Na verloop van tijd constateert haar vader dat de afspraken over de zorg niet worden nagekomen. Zo vindt de begeleiding ten aanzien van het wonen en de huishouding plaats door een gesprek in een kantoor, buiten het appartement van cliënte. Aan de begeleiding worden niet de overeengekomen uren besteed. Klaagster heeft op dat moment een betaalde baan, waarin zij begeleid werk doet. Ook hierin schiet de begeleiding vanuit de zorgaanbieder tekort. Tevens blijkt klaagster een relatie te zijn aangegaan en in feite samen te wonen, buiten het begeleid woongebied, zonder dat de zorgaanbieder hiervan op de hoogte lijkt te zijn. De situatie loopt uit de hand en vader, later curator, dringt aan op het maken van nieuwe afspraken. Dit leidt tot een meningsverschil over de zorg waarna de zorgaanbieder eenzijdig de huur- en zorgovereenkomst opzegt en vervolgens in een kort geding ontruiming van het appartement vordert. Klaagster en de curator voeren verweer. Ook dienen zij een klacht in over de tekortschietende zorg en begeleiding. Vanwege alle door cliënte geleden stress en ongemak, o.a. door de gevorderde ontruiming, vordert cliënte ook een smartengeldvergoeding. De zorgaanbieder voert in het verweer aan dat zij voldaan heeft aan haar verplichtingen, maar erkent wel dat de communicatie voor verbetering vatbaar was en dat de opzegging van de zorgovereenkomst niet voorafgegaan was door een waarschuwing.

De Geschillencommissie spreekt zich in haar bindend advies duidelijk uit: De commissie stelt vast dat gelet op de zich in het dossier bevindende zorgaantekeningen, de zorgaanbieder niet (volledig) aan de zorgbeschrijving heeft voldaan. Er is geen zorg geleverd in de woning en dat betekent dat de aanbieder de overeenkomst niet is nagekomen. De klachten over de communicatie worden op alle onderdelen gegrond verklaard. Ten aanzien van de opzegging van de zorgovereenkomst constateert de commissie dat deze onrechtmatig is nu hiervoor geen gewichtige reden aanwezig was zoals de wet vereist. Dat de aankondiging van de gevorderde ontruiming is intimiderend overgekomen voor klaagster. Van de 8 klachtonderdelen worden 6 gegrond verklaard. Tevens wordt een smartengeldvergoeding van € 3.000,- toegewezen omdat volgens de commissie vaststaat dat de zorgaanbieder stelselmatig onvoldoende zorg en begeleiding is geboden en er onvoldoende sturing is geweest op sociaal en emotioneel gebied, wat tot nachtmerries, slaapproblemen en stress bij klaagster heeft geleid.

mr. A.B. Noordhof

[1] Zie www.geschillencommissie.nl uitspraak Commissie Zorg Algemeen ref 121205 15 maart 2019

Copyright © 2020 Boskamp & Willems advocaten / Disclaimer & Privacy / Voorwaarden / Cookies / Orde van Advocaten / Klachtenregeling / Links / Webdesign Applepie