Niet-wijzigingsbeding partneralimentatie doorbreken

Rechtbank Amsterdam 27 juni 2018, ECLI:NL:RBAMS:2018:4375

Bij een echtscheiding kunnen partijen afspraken maken over de partneralimentatie en kunnen zij hierbij een niet-wijzigingsbeding overeenkomen. Dit beding houdt in dat beide partijen afzien van de wettelijke mogelijkheid om op basis van veranderde omstandigheden de alimentatie te laten wijzigen bij de rechter.

De rechter kan echter het niet-wijzigingsbeding doorbreken. Hiertoe kan de rechter overgaan indien na het tot stand komen van de afspraak tussen partijen een wijziging van omstandigheden is ingetreden die meebrengt dat de andere partij ongewijzigde instandhouding van de afspraak niet mag verwachten. De rechter houdt rekening met alle omstandigheden en de maatstaven van redelijkheid en billijkheid. Er moet voor een dergelijke wijziging sprake zijn van een zeer ingrijpende wijziging van omstandigheden en van een volkomen wanverhouding tussen wat partijen bij het maken van de afspraak voor ogen stond en wat zich in werkelijkheid heeft voorgedaan.

De rechtbank Amsterdam heeft zich op 27 juni 2018 uitgelaten over een verzoek tot het doorbreken van een niet-wijzigingsbeding. Partijen zijn in het kader van hun echtscheiding een partneralimentatie overeengekomen van € 2.100,– bruto per maand. Partijen zijn daarbij een niet-wijzigingsbeding overeengekomen. De man is echter van mening dat dit niet-wijziggingsbeding doorbroken moet worden omdat hij ten tijde van het maken van de afspraak over de partneralimentatie een omzet realiseerde van tussen de € 13.000,– en € 18.000,– per maand. De man ontvangt echter met ingang van 1 november 2017 een bijstandsuitkering en kan dan ook niet meer de overeengekomen partneralimentatie betalen.

De vrouw weet dat de man een bijstandsuitkering ontvangt, maar is van mening dat de man er alles aan had moeten doen om te voorkomen dat hij zijn inkomen zou verliezen. De vrouw stelt dan ook dat het overeengekomen niet-wijzigingsbeding niet doorbroken kan worden door de rechter.

De rechter is echter van oordeel dat het inkomen van de man zodanig is gewijzigd, dat de vrouw in het licht van alle bestaande omstandigheden, naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid ongewijzigde instandhouding van de overeengekomen partneralimentatie niet mag verwachten. Instandhouding van de hoge partneralimentatie zou een persoonlijk faillissement van de man veroorzaken, met gevolgen voor alle betrokkenen van dien. De rechter is van mening dat uit hetgeen de man naar voren heeft gebracht aannemelijk is geworden dat hij er alles aan heeft gedaan en doet om te voorkomen dat hij een beroep op de bijstand moet doen. Gelet op de hoogte van het inkomen van de man op dit moment, is hij niet in staat om de partneralimentatie te betalen. Daarom schorst de rechter de verplichting tot betaling van partneralimentatie op. Zodra blijkt dat het inkomen van de man zodanig is dat hij ruimte heeft om opnieuw een partneralimentatie te betalen, dient hij zo spoedig mogelijk weer over te gaan tot betaling.

Een niet-wijzigingsbeding kan dus doorbroken worden door de rechter. De rechter zal dit echter niet zomaar doen. Er moet sprake zijn van een zo ingrijpende wijziging van omstandigheden, dat de alimentatieplichtige naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet langer mag worden gehouden aan het niet-wijzigingsbeding.

Als u hierover meer wilt weten, dan kunt u contact opnemen met onze sectie Familie- en Erfrecht.

mr. Angela (A.H.) van Gerwen
mr. Geertje (G.) de Jong
mr. drs. Niek (N.) Vinke
mr. Adri (A.B.) Noordhof
mr. Maud (M.V.C.) van Sambeek

Copyright © 2020 Boskamp & Willems advocaten / Disclaimer & Privacy / Voorwaarden / Cookies / Orde van Advocaten / Klachtenregeling / Links / Webdesign Applepie