Niet goed? Klaag op tijd!

Dagelijks worden tal van koopovereenkomsten gesloten. Het is dan ook niet vreemd dat er nog wel eens wat mis kan gaan. Een veel voorkomend probleem is dat hetgeen is afgeleverd niet aan de overeenkomst beantwoordt. De wet bepaalt dat de koper de verkoper binnen bekwame tijd nadat hij deze ontdekking heeft gedaan dan wel redelijkerwijs had behoren te ontdekken, hiervan op de hoogte moet brengen. De koper moet met andere woorden tijdig klagen bij de verkoper. Doet hij dat niet, dan verspeelt de koper zijn rechten.

In geval van een consumentenkoop is de wet wat soepeler. In dat geval moet binnen bekwame tijd na de ontdekking geklaagd worden bij de verkoper, waarbij een termijn van twee maanden als tijdig wordt aangemerkt in de wet. Het gaat hier dus om daadwerkelijke (subjectieve) bekendheid met het gebrek.

De achterliggende gedachte van binnen bekwame tijd moeten klagen heeft te maken met de belangen van de verkoper. Hoe later er geklaagd wordt, hoe moeilijker het voor de verkoper kan zijn om de ongegrondheid van de klachten te bewijzen. In het geval van een consumentenkoop komt daar nog eens bij dat in de wet het vermoeden is neergelegd dat een zaak bij aflevering niet aan de overeenkomst heeft beantwoord, als het gebrek zich binnen zes maanden na aankoop openbaart. Van belang is dus de vraag, wanneer een koper ontdekt heeft dat de afgeleverde zaak niet aan de overeenkomst beantwoordt.

De Hoge Raad heeft zich onlangs uitgelaten over deze materie in zijn uitspraak van 15 februari 2019 (ECLI:NL:HR:2019:228). In die zaak hadden de kopers een dressuurpaard gekocht dat in februari 2013 was geleverd. In de maanden april 2013 tot en met juni 2013 is het paard meerdere keren behandeld door een masseur/fysiotherapeut, omdat het paard “niet echt goed liep”. De klachten bleven aanhouden, zodat de kopers in augustus 2013 nader onderzoek hebben laten verrichten aan het paard. Uit het onderzoek is naar voren gekomen dat het paard beperkingen had die mogelijk tot de conclusie zouden kunnen leiden dat het paard niet beantwoordde aan de koopovereenkomst. Begin september 2013 hebben de kopers voor het eerst geklaagd bij de verkoper over de geconstateerde gebreken.

Zowel de kantonrechter als het hof komen tot het oordeel dat de kopers niet tijdig geklaagd hebben nu zij de verkoper pas in september 2013 in kennis gesteld hebben van hun klachten, terwijl de eerste klachten zich al in april 2013 geopenbaard hebben. Door de klachten niet vroegtijdig te melden aan de verkoper, is hem de mogelijkheid ontnomen om het paard in een vroegtijdig stadium te onderzoeken. Kopers hadden niet eerst de uitkomst van het onderzoek mogen afwachten. Zij hadden onvoldoende onderbouwd dat het onderzoek niet eerder plaats had kunnen vinden, aldus nog steeds de kantonrechter en het hof.

De Hoge Raad denkt daar anders over. Omdat sprake is van een consumentenkoop gaat de termijn waarbinnen geklaagd moet worden lopen op het moment dat de consumentkoper daadwerkelijk heeft ontdekt dat het afgeleverde niet beantwoordt aan de koopovereenkomst en niet vanaf het moment dat de koper de non-conformiteit redelijkerwijs had behoren te ontdekken. Ondanks dat het paard vanaf de levering niet goed liep, hebben de kopers pas na het onderzoek in augustus 2013 de non-conformiteit ontdekt. Eerder hoefden zij dus niet hun beklag te doen bij de verkoper.

Ondanks dat de wet ten aanzien van een consumentenkoop wat soepeler is dan ten aanzien van een niet consumentenkoop, is het aan te raden om voortvarend te handelen en klachten te melden bij de verkoper als er aanwijzingen zijn dat het geleverde niet beantwoordt aan de overeenkomst.

D.M.L. Heberle

Copyright © 2019 Boskamp & Willems advocaten / Disclaimer & Privacy / Voorwaarden / Cookies / Orde van Advocaten / Klachtenregeling / Links / Webdesign Applepie