Geen redelijke beleidsbepaling!

Het wordt vaak geprobeerd, maar leidt niet vaak tot het gewenste resultaat: in een beroepsprocedure tegen een omgevingsvergunning aanvoeren dat die vergunning is verleend in strijd met het gemeentelijk beleid en dus moet worden vernietigd. Gemeenten hebben nu eenmaal de vrijheid om naar eigen inzicht ruimtelijk beleid vast te stellen en te wijzigen en daar ook weer gemotiveerd vanaf te wijken. Maar die vrijheid is niet onbegrensd, zo bleek in een uitspraak van de Raad van State van 6 februari 2019.

De gemeente Twenterand had met toepassing van de kruimelgevallenregeling een omgevingsvergunning verleend voor het gebruik van een bedrijfshal voor in- en verkoop van (elektrische) fietsen. Deze omgevingsvergunning was nodig omdat in de bedrijfshal alleen detailhandel in volumineuze goederen was toegestaan en daar viel de verkoop van (elektrische) fietsen volgens de gemeente niet onder. Een concurrerend bedrijf ging in beroep en voerde onder meer aan dat de omgevingsvergunning was verleend in strijd met de gemeentelijke Detailhandelsstructuurvisie omdat die structuurvisie geen uitbreiding van de detailhandelsfunctie buiten het winkelconcentratiegebied toeliet. En een vergunning voor niet-volumineuze detailhandel in (elektrische) fietsen vormde een uitbreiding van de reeds toegestane wel-volumineuze detailhandel, aldus het concurrerende bedrijf in beroep.  Zowel de rechtbank als de Raad van State gingen hierin mee. Het besluit tot verlening van de omgevingsvergunning werd vernietigd en de gemeente moest een nieuw besluit nemen.

In dat nieuwe besluit stelde de gemeente dat de uitspraak van de Raad van State inmiddels was achterhaald. De gemeente had een nieuwe Detailhandelsstructuurvisie vastgesteld en daarin was de verkoop van (elektrische) fietsen wel als volumineuze detailhandel aangemerkt. En omdat volumineuze detailhandel in de bedrijfshal reeds was toegestaan, bracht de verkoop van (elektrische) fietsen dus geen uitbreiding van de detailhandelsfunctie meer met zich mee. Dit ging de Raad van State echter te ver. In de uitspraak van 6 februari 2019 oordeelt de Raad van State dat het compleet gewijzigde standpunt van de gemeente over het wel of niet volumineus zijn van verkoop van (elektrische) fietsen buiten de grenzen van de redelijke beleidsbepaling valt. En daaraan deed niet af dat de gemeente zich beriep op gewijzigde inzichten en maatschappelijke ontwikkelingen. Het beroep van het concurrerende bedrijf, die deze gang van zaken had aangemerkt als incidentenpolitiek, werd gegrond verklaard en de omgevingsvergunning werd vernietigd.

Mr. drs. F.K. van den Akker

Copyright © 2020 Boskamp & Willems advocaten / Disclaimer & Privacy / Voorwaarden / Cookies / Orde van Advocaten / Klachtenregeling / Links / Webdesign Applepie