Gebonden aan overeenkomst aangegaan door stagiaire

Een overeenkomst komt tot stand door een aanbod en de aanvaarding daarvan, dat is zo neergelegd in de wet en dat geldt ook voor de totstandkoming van overeenkomsten via de digitale weg. Maar wat nu als een aanbod aanvaard wordt door een persoon die daartoe eigenlijk niet bevoegd is?

De kantonrechter in Utrecht heeft zich onlangs gebogen over de vraag of er een overeenkomst tot stand gekomen is tussen twee partijen die door een stagiaire van één van partijen is aangegaan. De feiten waren als volgt. Eiseres houdt zich bezig met dienstverlening aan het MKB op het gebied van marketing, communicatie en multimedia. Zij beheert in dat kader onder andere ook twee websites die zich richten op het zorg- en onderwijssegment. Gedaagde voert een psychologische praktijk en verzorgt bedrijfsopleidingen en trainingen. In de praktijk werken altijd één of meer stagiaires mee. Zij werken op een computer van gedaagde, beantwoorden de telefoon, houden de e-mails bij die binnenkomen op dat e-mailadres en leggen naar eigen inzicht belangrijke zaken aan.

Eiseres heeft naar het e-mailadres van gedaagde een e-mail verstuurd met als bijlage een document met de naam “overeenkomst”. De overeenkomst betreft een mediapakket dat is aangeboden door eiseres. Daarin is onder meer opgenomen dat annuleringen uitsluitend schriftelijk binnen 7 dagen moeten geschieden. Diezelfde dag heeft eiseres telefonisch contact opgenomen met gedaagde. Eén van de stagiaires heeft de telefoon beantwoord en zich voorgedaan als assistente van gedaagde. In het telefoongesprek heeft zij het sluiten van de overeenkomst bevestigd.

Nadat gedaagde de eerste factuur van eiseres heeft ontvangen neemt gedaagde zelf contact op met eiseres en stelt nooit een overeenkomst te hebben gesloten met eiseres. Zij stelt nooit een aanbod te hebben aanvaard van eiseres. Als het aanbod zou zijn aanvaard door (één van) de stagiaires van gedaagde, dan stelt gedaagde dat zij niet bevoegd waren om een overeenkomst aan te gaan.

Tijdens de zitting heeft gedaagde aangegeven dat zij zelf geen telefonisch contact heeft gehad met eiseres, maar één van haar stagiaires wel. Naar aanleiding van dat contact heeft eiseres per e-mail een offerte verzonden aan gedaagde. Vervolgens kan eiseres stukken overleggen waaruit blijkt dat het aanbod is aanvaard door middel van het doorlopen van een aanvaardingsproces vanaf een computer met een IP-adres dat gebruikt wordt in de praktijk van gedaagde. De kantonrechter is van oordeel dat daarmee genoegzaam is komen vast te staan dat het digitale aanvaardingsproces door één van de stagiaires is doorlopen. Bovendien heeft de betreffende stagiaire dat telefonisch ook bevestigd aan gedaagde.

De kantonrechter gaat niet mee in het verweer van gedaagde dat eiseres er niet gerechtvaardigd op mocht vertrouwen dat gedaagde de wil had om de betreffende overeenkomst aan te gaan. Het aanvaardingsproces is verlopen vanaf een computer in de praktijk van gedaagde en na een unieke code te hebben ingevoerd die aan gedaagde per e-mail is toegestuurd. Bovendien is (door de stagiaire) telefonisch bevestigd dat de opdracht door gedaagde zelf was gegeven, terwijl eiseres niet wist dat zij te maken had met een stagiaire. De stagiaire heeft aan de telefoon namelijk aangegeven dat zij assistent was van gedaagde. In de zorg is het gebruikelijk dat zorgverleners zich bij de uitvoering van administratieve werkzaamheden laten bijstaan door een assistent en derden moeten kunnen vertrouwen op mededelingen van dergelijke assistentes.

Volgens de kantonrechter heeft gedaagde zelf de mogelijkheid gecreëerd dat één van haar stagiaires het aanbod heeft aanvaard, door het beantwoorden van de telefoon en het beheer van het e-mailadres aan de stagiaire(s) over te laten. Bovendien had gedaagde de mogelijkheid om de overeenkomst binnen 7 dagen te annuleren, hetgeen zij niet gedaan heeft. Dat zij deze e-mail in eerste instantie niet gezien heeft, omdat de stagiaire de mailbox beheert waar de overeenkomst in is ontvangen, is ook een consequentie van een keuze die de gedaagde zelf heeft gemaakt in het kader van haar praktijkorganisatie.

Gelet op het voorgaande komt de kantonrechter tot de conclusie dat de overeenkomst die door de stagiaire van gedaagde is gesloten, rechtsgeldig tot stand gekomen is waardoor gedaagde dus gebonden is aan de overeenkomst.

Uit deze uitspraak blijkt dat er niet zonder meer op vertrouwd mag worden dat een overeenkomst die is aangegaan door een onbevoegde, niet rechtsgeldig tot stand is gekomen. Afhankelijk van de omstandigheden van het geval kan ook in zo’n geval een partij weldegelijk gebonden worden aan een overeenkomst.

mr. Ron (R.J.M.) van Dalen
mr. drs. Dagmar (D.D.) Dielissen-Breukers
mr. Sigrid (S.J.G.A.) van Pelt
mr. Laurys (L.J.H.) Stein
mr. Daniëlle (D.M.L.) Heberle
mr. Ellen (E.H.T.) Kleeven
mr. Tjeerd (T.G.G.) Raijmakers

Copyright © 2019 Boskamp & Willems advocaten / Disclaimer & Privacy / Voorwaarden / Cookies / Orde van Advocaten / Klachtenregeling / Links / Webdesign Applepie