De klachtplicht bij loonvorderingen: een sterk vangnet voor werkgevers

Veel werkgevers krijgen vroeg of laat te maken met werknemers die achteraf stellen dat zij te weinig loon hebben ontvangen. Vaak gaat het dan om overuren, toeslagen of niet-uitbetaalde uren. Maar werknemers kunnen dit niet eindeloos jaren later alsnog opeisen. De klachtplicht uit artikel 6:89 BW biedt werkgevers een belangrijk juridisch vangnet.
Een recente uitspraak van de Rechtbank Limburg (6 augustus 2025, ECLI:NL:RBLIM:2025:7934) illustreert dit treffend.
De casus
Een werknemer stelde in 2022 voor het eerst dat hij in de periode van 1 juni 2017 tot 13 januari 2020 te weinig loon had ontvangen, omdat niet alle overuren en onregelmatigheidstoeslagen waren uitbetaald.
De kantonrechter wees zijn vordering echter af. Waarom? De werknemer had te laat geklaagd. De uren waren namelijk steeds zichtbaar op de loonstroken en eenvoudig te controleren voor de werknemer. Desondanks duurde het ruim tweeënhalf jaar(!) voordat hij dit bij zijn werkgever aankaartte.
Volgens de rechter was dat niet “binnen bekwame tijd” in de zin van artikel 6:89 BW en daarmee verloor de werknemer zijn recht op nabetaling van deze uren.
Wat betekent dit voor werkgevers?
De klachtplicht kan dus een krachtig verweer opleveren als werknemers pas (veel) later met klachten over loonbetalingen komen. De belangrijkste lessen uit deze uitspraak voor werkgevers zijn:
- Loonstroken zijn bewijsstukken Als de gewerkte uren en uitbetalingen helder op de loonstroken vermeld staan, mag van werknemers worden verwacht dat zij dit tijdig controleren (en dus ook tijdig klagen).
- Te laat klagen = geen loonvordering Wachten bemoeilijkt het verweer van de werkgever én kan leiden tot benadeling (denk aan rente en wettelijke verhoging). Dit wordt door rechters meegenomen in hun beoordeling.
- Goede administratie is cruciaal Juist doordat de werkgever de uren en betalingen goed had vastgelegd, kon zij zich hier succesvol beroepen op de klachtplicht van artikel 6:89 BW.
Praktische tips voor werkgevers
- Bewaar loonstroken en urenregistraties zorgvuldig. Dit is vaak het belangrijkste bewijs bij discussies over loon.
- Communiceer helder over overuren en toeslagen en zorg dat deze transparant op de loonstrook staan.
- Wijs werknemers actief op afwijkingen. Dit kan voorkomen dat discussies jaren later alsnog ontstaan.
- Check bij een late loonvordering altijd of er door de werknemer is voldaan aan de klachtplicht. Het kan een doorslaggevend verweer zijn.
Conclusie
De uitspraak van de Rechtbank Limburg laat zien dat de klachtplicht werkgevers een belangrijk schild biedt tegen (te) late loonvorderingen. Een goede administratie en duidelijke loonstroken zijn daarbij goud waard. Daarmee kunnen werkgevers niet alleen geschillen voorkomen, maar ook hun positie versterken wanneer een werknemer pas na jaren aan de bel trekt.
Wilt u weten of uw (ex-)werknemer heeft voldaan aan de klachtplicht en of zijn vordering kans van slagen heeft? Neem contact met ons op om dit te laten beoordelen.
