All-in loon: zorgeloos genieten tijdens vakantie

Werkgeverschap brengt veel verantwoordelijkheden met zich mee, waaronder het bijhouden van een correcte salarisadministratie. Sommige werkgevers kiezen vanwege praktische redenen ervoor om met hun werknemers een all-in loon af te spreken. In het salaris dat de werknemer krijgt uitbetaald, is in dat geval het vakantiegeld en het loon dat de werknemer tijdens vakantie ontvangt inbegrepen. De werknemer krijgt het vakantiegeld dan in delen uitbetaald in plaats van in één keer en ontvangt geen loon tijdens vakanties. Bij fysiotherapeuten en oproepcontracten komt een all-in loon vaak voor. Een all-in loon is onder bepaalde voorwaarden toegestaan.

Vakantiegeld wordt volgens de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag jaarlijks in de maand juni uitbetaald. Hierop is echter een uitzondering mogelijk. In de arbeidsovereenkomst kan worden afgesproken dat het vakantiegeld op een ander tijdstip wordt uitgekeerd zolang dit maar minimaal één keer per jaar gebeurt. Vakantiegeld kan dus ook elke maand of periode worden uitbetaald. De enige voorwaarde die de wet stelt is dat deze afspraak schriftelijk met de werknemer wordt vastgelegd.

Het opnemen van de loondoorbetaling tijdens vakantie in het all-in loon ligt wat genuanceerder. Op grond van Europese wetgeving (de Arbeidstijdenrichtlijn) heeft een werknemer jaarlijks recht op tenminste vier weken vakantie met behoud van loon. Het is niet toegestaan om dit recht op vakantie te vervangen voor een financiële vergoeding, tenzij een werknemer uit dienst gaat. De achterliggende gedachte is dat een werknemer daadwerkelijk zijn vakantiedagen moet kunnen opnemen zodat hij kan herstellen van de arbeid.

In beginsel is het niet mogelijk om het loon waarop een werknemer tijdens vakantie recht heeft in het all-in loon op te nemen. De enige uitzondering op deze hoofdregel is als deze afspraak schriftelijk met de werknemer wordt gemaakt en het voor de werknemer voldoende transparant en begrijpelijk is welk deel van het loon wordt gereserveerd voor loonbetaling tijdens vakantie. Over wat “voldoende transparant en begrijpelijk” is, wordt verschillend gedacht. De meest voorkomende opvatting die ook steun vindt in de rechtspraak is dat het opnemen van het loon dat tijdens vakantie wordt doorbetaald in het all-in loon mogelijk is als 1) uit de loonstrook blijkt wat de loonwaarde van de vakantieaanspraken is en 2) welk deel daarvan wordt uitbetaald in de betreffende periode. Als deze informatie niet uit de loonstrook blijkt, is het voor een werknemer immers niet duidelijk welk deel van zijn loon hij dient te reserveren voor vakantieperiodes. De werknemer loopt dan het risico dat hij zijn loon direct helemaal opmaakt en niets meer over heeft voor zijn vakanties.

Twee kantonrechters hebben zich onlangs uitgelaten over de toelaatbaarheid van het all-in loon (ECLI:NL:RBZWB:2018:7310 en ECLI:NL:RBMNE:2019:859). In de laatstgenoemde uitspraak werd het all-in loon toegestaan, terwijl in de andere zaak de kantonrechter het opnemen van de loondoorbetaling tijdens vakantie in het all-in loon niet toelaatbaar vond. De werkgever had in die zaak slechts in de arbeidsovereenkomst opgenomen dat het vakantiegeld onderdeel uitmaakt van het salaris. Over de vergoeding voor vakantiedagen was niets afgesproken. De werkgever werd alsnog veroordeeld om de vakantiedagen aan de werknemer uit te betalen. Het is dus van belang dat beide componenten (vakantiegeld en vakantiedagen) in de arbeidsovereenkomst worden benoemd als onderdeel van het salaris en dat de loonstroken voldoende transparant en begrijpelijk zijn (zie hierboven).

mr. E.H.T. Kleeven

Copyright © 2020 Boskamp & Willems advocaten / Disclaimer & Privacy / Voorwaarden / Cookies / Orde van Advocaten / Klachtenregeling / Links / Webdesign Applepie